Blokfluit grepen: barok en Duits
De greep op de sopraanblokfluit hangt af van de boring: op een barokke en een Duitse blokfluit neem je de lage F op een andere manier. Deze grepentabel opent met de barokke sopraan. Staat er Duits op je fluit of in je lesboek, zet de keuze Boring dan op Duits.
Grepentabel
De greep op de sopraanblokfluit hangt af van de boring: de genoteerde F4 neem je anders op een barokke dan op een Duitse blokfluit.
| Genoteerde noot | Greep |
|---|---|
| C4 | Dicht: 0, 1, 2, 3, 4, 5, 6, 7 |
| C♯4/D♭4 | Dicht: 0, 1, 2, 3, 4, 5, 6; Deels open: 7 |
| D4 | Dicht: 0, 1, 2, 3, 4, 5, 6 |
| D♯4/E♭4 | Dicht: 0, 1, 2, 3, 4, 5; Deels open: 6 |
| E4 | Dicht: 0, 1, 2, 3, 4, 5 |
| F4 | Dicht: 0, 1, 2, 3, 4, 6, 7 |
| F♯4/G♭4 | Dicht: 0, 1, 2, 3, 5, 6 |
| G4 | Dicht: 0, 1, 2, 3 |
| G♯4/A♭4 | Dicht: 0, 1, 2, 4, 5; Deels open: 6 |
| A4 | Dicht: 0, 1, 2 |
| A♯4/B♭4 | Dicht: 0, 1, 3, 4 |
| B4 | Dicht: 0, 1 |
| C5 | Dicht: 0, 2 |
| C♯5/D♭5 | Dicht: 1, 2 |
| D5 | Dicht: 2 |
| D♯5/E♭5 | Dicht: 2, 3, 4, 5, 6 |
| E5 | Dicht: 1, 2, 3, 4, 5; Deels open: 0 |
| F5 | Dicht: 1, 2, 3, 4, 6; Deels open: 0 |
| F♯5/G♭5 | Dicht: 1, 2, 3, 5; Deels open: 0 |
| G5 | Dicht: 1, 2, 3; Deels open: 0 |
| G♯5/A♭5 | Dicht: 1, 2, 4; Deels open: 0 |
| A5 | Dicht: 1, 2; Deels open: 0 |
| A♯5/B♭5 | Dicht: 1, 2, 4, 5, 6; Deels open: 0 |
| B5 | Dicht: 1, 2, 4, 5; Deels open: 0 |
| C6 | Dicht: 1, 4, 5; Deels open: 0 |
| C♯6/D♭6 | Dicht: 1, 3, 4, 5, 7; Deels open: 0 |
| D6 | Dicht: 1, 3, 4, 6; Deels open: 0 |
Zo werkt het
- Controleer bovenaan het instrument en de boring; de pagina opent met de sopraanblokfluit met barokke boring.
- Kies een noot op de notenbalk, in de lijst of op het klavier. Een gevuld rondje is een gaatje dat dicht moet, een half gevuld rondje staat deels open.
- Tik op Noot beluisteren om te horen hoe de noot moet klinken; de microfoon gaat dan eerst uit, zodat er geen rondzingen ontstaat.
- Tik op Microfoon aanzetten, geef toestemming en speel één noot zonder begeleiding. De pagina springt naar de genoteerde noot die je speelt en toont de afwijking in cent.
- Zet de Referentie-A op de stemming van je les of ensemble en bewaar de tabel met Afdrukken / PDF.
Hulp en uitleg
Voor veel kinderen in Nederland en Vlaanderen is de blokfluit het eerste instrument, op school, op de muziekschool of op de academie. Juist dan helpt het om te weten welke fluit je in handen hebt, zodat je geen greep uit je hoofd leert die op jouw fluit vals klinkt.
Duimgat, gaatjes en dubbele gaatjes lezen
Gat 0 is het duimgat aan de achterkant. De gaatjes 1, 2 en 3 dek je met de wijs-, middel- en ringvinger van je linkerhand, 4 tot en met 7 met de rechterhand. De linkerhand zit altijd boven, ook als je linkshandig bent. Dek de gaatjes af met de zachte kussentjes van je vingers en niet met de puntjes: een klein kiertje is genoeg om een lage noot te laten overslaan in een piep.
Vanaf E5 staat het duimgat deels open. Blokfluitdocenten noemen dat knijpen: je buigt de duim zodat er een smal spleetje openkomt, je haalt hem niet helemaal weg. Op veel sopraanblokfluiten zijn 6 en 7 dubbele gaatjes. Deels open betekent daar dat je één van de twee kleine gaatjes dichthoudt, zoals bij C♯4 en D♯4.
Barok of Duits: waar zit het verschil?
Met de barokke boring neem je F4 met een vorkgreep: 0 tot en met 4 dicht, 5 open en 6 en 7 weer dicht. Een Duitse blokfluit is gebouwd voor de eenvoudige greep 0 tot en met 4 dicht. Die makkelijke F heeft een prijs: op de Duitse fluit wordt de Fis een lastiger greep en klinken sommige noten minder zuiver. Neem je de Duitse F-greep op een barokke fluit, dan klinkt de noot duidelijk te hoog.
Weet je niet welke je hebt? Zet de microfoon aan en speel F4 met alleen 0 tot en met 4 dicht. Toont het scherm flink wat cent te hoog of springt het naar F♯4, dan heb je waarschijnlijk een barokke fluit.
Waarom de sopraan een octaaf hoger klinkt
De tabel loopt van C4 tot en met D6 genoteerd. Een sopraanblokfluit klinkt een octaaf hoger dan de noten op papier: de C4 uit je lesboek klinkt als C5. De pagina toont daarom zowel de genoteerde noot als de klinkende toon, en ook de referentie van Noot beluisteren zit in dat hogere octaaf.
De microfoon hoort de toonhoogte, maar ziet je vingers niet: een gaatje dat niet goed dicht is, geeft soms een andere noot terwijl de greep er goed uitziet. Vergelijk het schema met je handen.
Tips
- Begin met B, A en G: alleen de linkerhand speelt, de rechterhand houdt de fluit vast zonder gaatjes te raken.
- Van A naar G zet je alleen de ringvinger van je linkerhand erbij; de andere vingers blijven liggen.
- Oefen een liedje in stukjes van twee noten en speel elk stukje een paar keer langzaam, eventueel met de metronoom.
Veelgestelde vragen
Hoe leer je de grepen op de blokfluit?
Begin met B, A en G, die je alleen met de linkerhand speelt. Voeg daarna stap voor stap de rechterhand toe voor de lagere noten.
Is mijn blokfluit barok of Duits?
Kijk in de handleiding, op de verpakking of in de grepentabel van het merk. Twijfel je, speel F4 met 0 tot en met 4 dicht: klinkt die duidelijk te hoog, dan is je fluit waarschijnlijk barok.
Wat is het verschil tussen een barokke en een Duitse blokfluit?
Vooral de greep voor F: barok met een vorkgreep, Duits met 0 tot en met 4 dicht. Ook enkele andere noten, zoals Fis, hebben een andere greep, dus kies altijd de tabel die bij je fluit past.
Wat betekent knijpen bij de blokfluit?
Het duimgat een klein stukje openzetten voor de hoge noten. In de tabel zie je dat als 0 deels open, vanaf E5.
Waarom piept mijn blokfluit bij lage noten?
Meestal is een gaatje niet helemaal dicht of blaas je te hard. Controleer eerst je vingers en blaas daarna zachter.
Hoe print ik de grepentabel als PDF?
Kies instrument en boring, tik op Afdrukken / PDF en kies in het printvenster van je browser Opslaan als PDF.
Werkt deze tabel ook voor een altblokfluit?
Kies dan Altblokfluit in de keuzelijst. De vingers bewegen hetzelfde, maar elke greep heeft op de alt een andere nootnaam, dus de sopraantabel past niet.