Interactieve kwintencirkel
De kwintencirkel zet alle 12 toonsoorten op een rad. Met de klok mee gaat elke stap een kwint omhoog (C, G, D, A...) en krijgt de voortekening één kruis meer; tegen de klok in gaat elke stap een kwart omhoog (C, F, B♭, E♭...) en komt er één mol bij. Buiten staan de majeurtoonsoorten, binnen hun parallelle mineurtoonsoorten, die dezelfde voortekening hebben.
Zo werkt het
- Tik op een toonsoort: majeur buiten (C, G, D...), mineur binnen (Am, Em, Bm...). De toonladder klinkt en het paneel toont voortekening, toonladder en akkoorden.
- De opgelichte vakken eromheen zijn de akkoorden van de toonsoort: I, IV en V buiten, ii, iii en vi binnen en de vii° er vlak naast.
- Tik op de akkoorden in het paneel om ze te horen. Met septiem maakt er vierklanken van (C7M, oftewel Cmaj7, dan Dm7, G7...); Cadens spelen speelt I–IV–V–I.
- Op de computer spring je met Tab naar het rad, ← en → draaien het, ↑ en ↓ wisselen tussen majeur en mineur en Enter speelt de toonladder.
- Printen / PDF maakt een zwart-wit A4-blad met alleen het rad en de tabel met voortekeningen. Voor een PDF kies je „Opslaan als PDF” in plaats van een printer.
Hulp en uitleg
Hier is het rad interactief: tik op een toonsoort en die licht op samen met haar buren, die de akkoorden van die toonsoort vormen. De toonladder klinkt, de voortekening verschijnt op de notenbalk en de zeven akkoorden staan in het paneel, elk speelbaar met één tik. Om op papier te studeren gebruik je Printen / PDF.
Waar de kwintencirkel goed voor is
Je ziet in één oogopslag hoeveel kruisen of mollen een toonsoort heeft, wat de parallelle mineur is, welke akkoorden bij elkaar horen en waar je makkelijk naartoe moduleert. Naburige toonsoorten verschillen maar één noot, daarom klinkt de stap naar de dominant (één vak met de klok mee) of naar de subdominant (één vak tegen de klok in) heel natuurlijk.
Op gitaar en ukelele helpt het rad bij transponeren en bij het onthouden van de akkoorden per toonsoort: de drie majeurakkoorden van een toonsoort liggen naast elkaar (IV, I, V) en de drie mineurakkoorden er direct onder. In G majeur zijn dat C, G en D buiten, Am, Em en Bm binnen, plus F♯°.
Volgorde van kruisen en mollen
Kruisen komen er altijd in deze volgorde bij: fis, cis, gis, dis, ais, eis, bis (F♯, C♯, G♯, D♯, A♯, E♯, B♯). Mollen komen in omgekeerde volgorde: bes, es, as, des, ges, ces, fes. Een snelle truc: bij kruisen ligt de grondtoon een halve toon boven het laatste kruis (fis → G majeur); bij mollen is het de voorlaatste mol (bes, es → B♭ majeur).
Onderaan het rad staan de enharmonische toonsoorten, dezelfde toonhoogte met een andere naam: B = C♭, F♯ = G♭ en D♭ = C♯ majeur. In het paneel staat een knop die de andere schrijfwijze toont.
Parallelle mineur en harmonisch mineur
Elke majeurtoonsoort heeft een parallelle mineur drie halve tonen lager, met dezelfde voortekening: C majeur en A mineur, G majeur en E mineur. Let op: in het Engels heet die „relative minor”, en wat daar „parallel minor” heet, is bij ons de gelijknamige mineur (C majeur en C mineur). Mineurtoonsoorten halen hun dominant meestal uit de harmonische mineurtoonladder (zevende trap een halve toon hoger): in A mineur wordt dat E of E7 in plaats van Em. Het paneel toont dat akkoord apart, met een gestippelde rand.
Tips
- Begin bij het uit je hoofd leren met de toonsoorten met weinig voortekens (C, G, D, F, B♭) en werk dan in beide richtingen het rad rond.
- Om te transponeren draai je het rad: alle akkoorden schuiven evenveel vakken op. C, F en G worden D, G en A.
- Kies een toonsoort, speel de cadens en probeer de I, de IV en de V terug te horen in een liedje dat je kent.
- Wil je de akkoordgrepen voor gitaar, cavaquinho, ukelele of piano zien, dan opent de link onderaan het paneel de akkoorden in een toonsoort voor de gekozen toonsoort.
- Zet bij het printen „Kop- en voetteksten” uit in de afdrukopties van de browser, dan komt het blad er netjes uit.
Veelgestelde vragen
Wat is de kwintencirkel?
Een rad met de 12 toonsoorten waarin elke buur, met de klok mee, een kwint hoger ligt. Het toont voortekeningen, parallelle toonsoorten en welke toonsoorten de meeste noten gemeen hebben.
Is de kwintencirkel hetzelfde als de kwartencirkel?
Ja. Het is hetzelfde rad, alleen in de andere richting gelezen: tegen de klok in is elke stap een kwart. Sommige boeken spreken ook van de kwintenkring.
Hoe print ik de kwintencirkel of sla ik hem op als PDF?
Tik op Printen / PDF: je krijgt één A4-blad met het rad en de tabel met toonsoorten. Voor een PDF kies je „Opslaan als PDF” als printer.
Hoe vind ik de parallelle mineur van een majeurtoonsoort?
Ga vanaf de grondtoon drie halve tonen omlaag: C → A, G → E, D → B, F → D. Op het rad staat hij direct onder de majeurtoonsoort.
Hoeveel kruisen heeft E majeur?
Vier: fis, cis, gis en dis (F♯, C♯, G♯ en D♯), dezelfde voortekening als C♯ mineur. De tabel onder het rad zet alle 15 majeurtoonsoorten op een rij.
Hoe helpt de kwintencirkel om de akkoorden van een toonsoort te vinden?
De akkoorden van een majeurtoonsoort zijn de toonsoort zelf en haar twee buren: I, IV en V buiten, ii, iii en vi binnen. Alleen de vii° valt buiten dat venster.
Werkt het op mijn telefoon?
Ja. Het rad past zich aan het scherm aan, het geluid komt uit de luidspreker en je hoeft niets te installeren.